Nienke Mullink sluit Mini Atlantique af met achtste plaats op het water: “Ik ben vooral trots dat ik heb doorgezet”
Nienke Mullink heeft haar tweede en laatste etappe van de Mini Atlantique 2026 afgesloten met een achtste plaats in de Série. De DutchSail-zeilster kwam na ruim acht dagen solozeilen over de finish in Les Sables-d’Olonne. Een hardnekkige rugblessure maakte de oversteek bijzonder zwaar en een tijdstraf van zes uur vanwege een te vroege start kostte haar uiteindelijk de achtste plaats, Mullink wordt door de tijdstraf geklasseerd als 23e in de tweede etappe. Toch overheerst bij Mullink vooral trots na haar eerste grote offshore wedstrijd.
Na haar verrassende vierde plaats in de eerste etappe van Les Sables-d’Olonne naar Horta begon Mullink vol vertrouwen aan de terugweg. De tussenstop op de Azoren was kort: slechts vijf dagen had ze om uit te rusten, het eiland te ontdekken, de boot klaar te maken en zich opnieuw op de race voor te bereiden.
Daarbij kreeg ze hulp van een Nederlandse local op Horta. “Die had bijvoorbeeld een printer om nog nieuwe documenten te printen en heeft ook gedoken om de boot schoon te maken aan de onderkant. Dus ik had wat hulp gekregen”, vertelt Mullink. Ze wist bovendien nog wat van het eiland te zien tijdens een bustour en kon naar eigen zeggen voldoende rust pakken.
Sterke start
Samen met navigator Max Deckers bereidde Mullink de tweede etappe opnieuw zorgvuldig voor. Het weer was echter minder voorspelbaar dan tijdens de heenweg. Tot aan Kaap Finisterre zouden de Mini’s een lagedrukgebied volgen, waarna de vraag was of de zeilers in het systeem konden blijven of dat het laag hen zou inhalen en voor een windarme zone zou zorgen.
“Vanaf Kaap Finisterre was het voornamelijk het weerbericht dat we in de gaten hielden en daar zo goed mogelijk onze keuzes op baseerden. Uiteindelijk kwam dat neer op zoveel mogelijk ‘rumplijn’ zeilen, dus dicht bij de lijn blijven.”
De start verliep uitstekend. Mullink kwam goed weg tussen de eilanden en had in de eerste twee dagen geen last van haar rug. Met ongeveer twintig knopen wind en een stevige golfslag kon ze de boot voluit laten gaan. Het resultaat was ernaar: na twee dagen stond ze zelfs bovenaan in het klassement.
Rugblessure gooit roet in het eten
Daarna sloeg het wedstrijdbeeld volledig om. Haar rug begon op te spelen en van dag twee tot en met dag zes werd de pijn steeds bepalender voor haar race.
“Daardoor kon ik niet zeilen zoals ik wilde. Ik zakte eigenlijk steeds verder terug in de ranking. Boten begonnen me in te halen en ik was gewoon langzamer. Dat was erg frustrerend.”
Toch bleef Mullink binnen bereik van de groep. Toen de omstandigheden boven Kaap Finisterre veranderden en de zee rustiger werd, kreeg ze opnieuw de mogelijkheid om aan te vallen. Een goed getimede tack leverde haar meerdere plaatsen op.
“Uiteindelijk ben ik als achtste over de lijn gekomen, eerste vrouw weer.”
Dat ze juist in het laatste deel van de race weer kon versnellen, maakte de finish extra waardevol.
Zes uur penalty
Bij aankomst wachtte echter nog een verrassing. Mullink kreeg te horen dat ze vanwege een te vroege start een tijdstraf van zes uur had gekregen. Daarmee zakte ze uiteindelijk naar de drieëntwintigste plaats in de einduitslag.
“Toen ik hier aankwam hoorde ik dat ik die penalty had gekregen bij de start. Ik heb het comité gesproken, want ik herinner me die start niet meer zo goed omdat het natuurlijk erg chaotisch is en ruim een week geleden.”
Volgens Mullink werd ze tijdens de start door andere boten over de lijn geduwd. Ze zag dat op het moment zelf niet gebeuren. “Dus dat is wat er gebeurd is en dat zijn de regels. Eerlijk gezegd zit ik er niet echt mee. Ik ben trots op wat ik op het water heb gedaan.”
Zware, maar waardevolle etappe
De tweede etappe duurde voor Mullink uiteindelijk 8 dagen, 1 uur 25 minuten en 38 seconden (exclusief straf). Onderweg kreeg ze bovendien een indrukwekkend inkijkje in het leven op de Atlantische Oceaan. Ze zag twee walvissen en een zwaardvis die vlak voor haar boot uit het water sprong.
“Die (zwaardvis red.) is gelukkig niet in de boot gesprongen”, lacht ze. Orka’s zag Mullink zelf niet, hoewel een andere deelnemer volgens haar wel drie orka’s rond de boot had. Daar liep het gelukkig goed af.
Maar vooral de finish maakte indruk. Na ruim acht dagen solo op zee stonden haar familie en vriend haar op de kade op te wachten. “Dat was echt een hele fijne aankomst.”
Met vertrouwen richting 2027
Met de tweede etappe van de Mini Atlantique komt voor Mullink een einde aan een belangrijk deel van haar seizoen. Er staat nog één korte wedstrijd van ongeveer 250 mijl op het programma de Duo Concarneau, maar ze kijkt nu al voorzichtig terug op haar eerste seizoen met als hoogtepunt het volbrengen van de volledige Mini Atlantique.
En die terugblik is positief. In de eerste etappe werd Mullink al verrassend vierde en was ze de eerste vrouwelijke schipper. In de tweede etappe liet ze, ondanks de fysieke tegenslag, opnieuw zien dat ze het tempo van de top tien kan volgen.
“Tot nu toe is het allemaal zoveel beter gegaan dan ik van tevoren had verwacht. Dat stemt me eigenlijk wel heel positief voor volgend seizoen.”
De komende periode staat daarom in het teken van plannen maken: hoe ziet de winter eruit, wat wil ze nog verbeteren en hoe wil ze het volgende seizoen aanpakken? Dat doet ze met haar uiteindelijke doel nog altijd duidelijk voor ogen: de Mini Transat 2027.
“Overall ben ik best wel trots op wat ik heb neergezet.”
En dat is misschien wel de belangrijkste conclusie van deze Mini Atlantique. Niet de vijftiende plaats na de tijdstraf, maar de achtste plaats die Mullink op het water behaalde, de manier waarop ze na dagenlange rugproblemen terugvocht naar de top tien en het feit dat ze haar persoonlijke doel opnieuw wist te realiseren. Een tweede Atlantische oversteek, een nieuwe lading ervaring en vooral het vertrouwen dat ze op de goede weg is richting 2027.